Parkinsonisme en kleingeestigheid (1)

In september 2011 ben ik 40 jaar bevriend met Maarten. Hij is mijn beste vriend. Maarten en zijn vrouw wonen in Haarlem, in een huis waarvan de fundering vroeger bestond uit houten palen. 15 jaar geleden bleken die verrot en in de hele buurt kwam een renovatieproject op gang. Daarvoor moesten de bewoners een jaar hun huis uit.

De achterburen van Maarten besloten om hun huizen te laten slopen en nieuwe te laten bouwen. Zij wilden ook graag een achterpad en vroegen de bewoners van Maarten’s straat om 75 cm van hun tuin af te staan voor het pad. De animo was niet groot en de achterburen lieten het pad helemaal op hun grond aanleggen. Voor de ontsluiting kochten ze voor de symbolische prijs van € 1,- een pad wat uitkomt in Maarten’s straat. Dat loopt naast een kinderboerderij. Op de scheiding van de achterpad en ontsluitingspad hangt een grote stalen poort met enge scherpe punten aan de bovenkant.

Twee jaar geleden hebben de bewoners van Maarten’s straat nog eens aan de achterburen gevraagd of ze het pad ook mochten gaan gebruiken. Daar kwam een kort en bondig “Nee!” op. Overleg was niet aan de orde en compromissen dus ook niet.

Maarten lijdt aan Parkinsonisme. Dat is een agressieve vorm van de ziekte van Parkinson. Zijn lichamelijke capaciteiten worden steeds minder. Hij heeft veel zorg nodig. Eigenlijk kan hij niets meer zelf. Zelfs niet meer praten. Misschien wel zijn grootste handicap, want hij doet niets liever dan urenlang bomen. Nu behelpt hij zich met een spraakcomputer, maar dat is wat het is: behelpen. Maarten en zijn vrouw willen heel graag dat hij thuis blijft wonen. Dat kan met inzet van thuiszorg en hulpmiddelen. Maar…..

…. Maarten’s rolstoel kan niet door de voordeur en de gang van hun (oude) huis als Maarten er in zit. Tot nu toe kan Maarten de afstand van woonkamer naar voordeur nog lopen. Maar er komt een dag dat hij dit niet meer zal kunnen. En dan is er voor hem maar één mogelijkheid om het huis te verlaten. Achterom.

Een paar weken geleden waren we in Haarlem en kwam het onderwerp weer ter sprake. Maartens vrouw heeft eenvoudigweg te puf niet om dat er ook nog bij te doen. Daarop heb ik het op me genomen de toestemming te verwerven voor het gebruik van beide paden. Maar dát gaat zo maar niet!

Volg de komende dagen mijn ‘avonturen’ in Haarlem.

Geplaatst in Onvoorstelbaar | Getagd | Een reactie plaatsen

Zware misdrijven verjaren niet meer (tenminste…?)

Zware misdrijven als verkrachting, mensensmokkel, doodslag en ernstige zedenmisdrijven met kinderen kunnen door een nieuwe maatregel niet meer verjaren. Nu verjaren alleen misdrijven niet waar een levenslange gevangenisstraf op staat, zoals moord. Met dit voorstel van minister Ivo Opstelten (Veiligheid en Justitie) heeft de ministerraad vandaag ingestemd.

Ook de verjaringstermijn voor een misdaad die bestraft wordt met acht jaar cel of meer zal worden verlengd naar twintig jaar. Het kabinet vindt het onwenselijk dat misdadigers van zware delicten door verjaring hun straf kunnen ontlopen. Vervolging van zware misdrijven moet volgens het kabinet altijd mogelijk zijn.

De maatregel past bij het streven om de positie van slachtoffers en nabestaanden te verbeteren. Met de nieuwe maatregel kunnen deze mensen ook langer een schadeclaim indienen.

Het voorstel wordt door het kabinet nu eerst voor advies naar de Raad van State gestuurd. Daarna kan het naar de Tweede Kamer.

http://tinyurl.com/3dh8pvl

Geplaatst in Moord en doodslag | Getagd | Een reactie plaatsen

Vrijheid van meningsuiting

Heel belangrijk binnen het recht op vrije meningsuiting is respect. Je mag vinden wat je wilt. Je mag niet alles zeggen wat je wilt. Je moet namelijk wat je vindt op een correcte, respectvolle manier onder woorden brengen. Zonder schelden, schuttingtaal of dergelijke.
Tegenwoordig zijn veel mensen het niet eens met de situatie in ons land. Bijvoorbeeld de aanwezigheid van allochtonen. Dat mag. Maar ze moeten zich daarbij een paar dingen realiseren.* Die situatie is in het verleden ontstaan met goedvinden van de toenmalige regeringen. Regeringen die gekozen zijn door onze ouders. Die het beste voorhadden met onze toekomst.* De allochtonen kunnen er ook niets aan doen. Zij werden naar Nederland gehaald om het werk te doen waar Nederlanders de neus voor ophaalden. Op dit moment doet zich dat weer voor in de aardbeienpluk. De kwekers willen duizenden plukkers uit Albanië en Roemenie halen. Terwijl er genoeg werklozen zijn die dat werk zouden kunnen doen. Maar niet één werkloze die bij een aardbeienteler gaat vragen om werk. Écht niet.* Daarmee hebben de allochtonen ook hun rechten verdiend.Persoonlijk ben ik van mening dat zij zich aan zullen moeten passen aan ons land. De taal spreken is daarbij heel belangrijk. Kinderen goed opvoeden ook.* Van mij mogen allochtonen wel hun geloof en cultuur behouden. Nederlandse emigranten naar Australië, Nieuw Zeeland en Canada doen dat ook. Daarbij moeten we onderscheid maken tussen het geloof van de ‘gewone’ man en extremisme. Ook in het Christelijke geloof komen extremisten voor. Denk maar aan de Protestantse gelovigen die hun kinderen niet laten inenten. Dat vind ik misdadig.* Willen allochtone vrouwen een hoofddoekje dragen? Van mij mag het. Religieuze redenen? Geen bezwaar. Nog steeds lopen hier in Eindhoven RK-nonnen rond die een hoofddoek dragen. En ook in streng Protestantse kringen dragen vrouwen en meisjes een hoedje. Op basis van hun geloof. Het enige waar ik hevig bezwaar tegen heb is het dragen van gezichtssluiers. Dat geeft mij een onveilig gevoel. Dat moet dan ook verboden worden. Ik wil mensen in de ogen kunnen kijken. Zien of het een man of een vrouw is.* Tot slot: De mensen die het niet eens zijn met de situatie in ons land hebben maar één weg: de democratische. Wie niet gaat stemmen, heeft geen recht van spreken.Daarbij ben ik van mening dat de politiek -zowel lokaal als landelijk- volkomen is vervreemd van haar achterban. Volksvertegenwoordiger zijn is tegenwoordig een carrière in plaats van een ideaal. Maar ook dat kunnen we alleen veranderen op democratische wijze.

Geplaatst in Moord en doodslag | Getagd , , , , | Een reactie plaatsen

Beroepsverbod

Een beroepsverbod wordt door een werkgever (dat kan een bedrijf zijn, maar vaker een overheid of semi-overheidsinstantie, een school, of stichting) opgelegd, indien deze vindt dat een werknemer vanwege geloof, politieke opvatting , geaardheid of gedrag niet binnen de organisatie kan werken, of wanneer iemands beroep gezien wordt als bedreigend voor de gevestigde orde. Het is dus het verbod aan iemand om zijn beroep uit te oefenen.
Het middel is frequent ingezet bij leden van extreem-linkse of extreem-rechtse groeperingen, om te voorkomen dat organisaties of de staat zelve van binnenuit ondermijnd zouden worden. Hier werden echter ook mensen het slachtoffer van die alleen maar vooruitstrevend waren of kritiek hadden op een bepaalde gang van zaken, zonder ook maar in de minste mate de intentie te hebben om de staat of het bedrijf te willen ondermijnen.

Zo waren er bedrijven die, op instigatie van de clerus, alle leden van de socialistische vakbond (het latere NVV), ontsloegen. Ook in de tijd van de Koude Oorlog werd het middel van beroepsverbod ingezet, hetgeen door getroffenen als onrechtvaardig werd ondervonden.
In streng-christelijke milieus speelt het issue van het beroepsverbod, bijvoorbeeld wanneer een leerkracht een afwijkende seksuele geaardheid heeft, of zelf niet gelovig is.
Een strafblad kan ook een reden zijn tot het opleggen van een beroepsverbod. Financiële malversaties kunnen in sommige landen aanleiding zijn een persoon een verbod op te leggen om nog statutair directeur in een vennootschap te worden.
Vooral in Duitsland waren Berufsverboten een heet hangijzer gedurende verschillende periodes, zoals tijdens het Nazi-regime, maar ook bijvoorbeeld tijdens de acties van de Rote Armee Fraktion (RAF), toen linksdenkende mensen regelmatig uit hun beroep werden gezet.
Historische voorbeelden zijn het ontslag van Joden en politieke tegenstanders van het Nationaalsocialisme op grond van de wetBerufsbeamtengesetzes van 7 April 1933 alsmede de door de geallieerden na 1945 ingestelde beroepsverboden tegen politiek ‘besmette’ filmmakers.
Tegen beroepsverboden is ook regelmatig geprotesteerd, met als argument dat ze de vrijheid van meningsuiting, geaardheid of geloof zouden aantasten, met andere woorden dat ze in strijd met grondwettelijke bepalingen zouden zijn.
Een ander voorbeeld van discussie en protest tegen beroepsverboden is de discussie over het dragen van een burka door bijvoorbeeld onderwijzers op scholen.
Bron: http://nl.wikipedia.org/wiki/Beroepsverbod

Geplaatst in Moord en doodslag | Getagd , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Alphen

Moet je nu als blogger wel, of juist niet reageren op het drama in Alphen aan de Rijn?Uiteindelijk heb ik besloten er toch een blog aan te besteden, in de veronderstelling dat ik als nabestaande van een geweldsmisdrijf misschien een andere invalshoek zal hebben dan journalisten en andere bloggers.
Sinds de moord op Romy en Daniël lees ik de berichtgeving over moord en doodslag anders dan daarvoor. Vroeger kwam een bericht op TV, in de krant of via de moderne kanalen over een moord. Ik was ontzet. Maar na een paar dagen vervaagde het en werd verdrongen door ander nieuws. Als de rechtszaak diende kwam het nog even terug, ik herinnerde m’n afschuw en vond een veroordeling terecht. En daarna vervaagde het weer. Volgens mij is dat normaal.
Als ik nu dergelijke berichten lees blijven ze me bij. Dan vraag ik me vooral af hoe het zal zijn met hen die dat verschrikkelijke nieuws te horen hebben gekregen. Daar wordt nooit over geschreven. Misschien is dat maar goed ook, maar de gemiddelde Nederlander heeft geen flauw idee van de impact en hoeveel mensen daar mee te maken krijgen.
Het was al zaterdagavond toen ik voor het eerst iets hoorde over de schietpartij in Alphen. Alleen al het woord ‘incident’ -wat veelvuldig werd gebruikt om het drama te duiden- is al een discussie waard. Wat mij opviel was dat zowel burgemeester Eenhoorn, premier Rutte, als minister Opstelten nadrukkelijk nabestaanden noemden in hun reacties. Dat is goed. Maar besef je wel hoe groot die groep is? Want niet alleen ouders, partner of kinderen zijn nabestaanden. Ook ooms, tantes, neven, nichten en ook buren, vrienden, collega’s zijn nabestaanden.
Heel belangrijk is dat de nabestaanden ook gehoord blijven worden als het drama uit de publiciteit raakt. Dat zij betrokken worden bij en geïnformeerd worden over het onderzoek. Als zij dat willen tenminste.
De moordenaar kan niet meer berecht worden. Hoe raar het voor buitenstaanders ook zal klinken: dat heeft na- én voordelen. Een nadeel is zeker dat de dader niet meer ter verantwoording kan worden geroepen. Een ander is, dat nooit duidelijk zal worden wat hem heeft bewogen. Ook ontloopt hij zijn gerechte straf.
Iedereen rouwt verschillend: kort, hevig, lang, geleidelijk, zichtbaar, onzichtbaar, erkend of verdrongen, en alle mogelijke combinaties hiervan. Bij mijzelf herkende ik een patroon na een paar geliefden te zijn verloren. Ik veronderstel dat ieder mens zo’n patroon heeft.
Na een moord krijgt dat patroon geen kans.  De rechtsgang tegen de dader verstoort het. Elke zitting wordt je weer geconfronteerd met het onrechtvaardige verlies van wat je lief is. Elke dag in de rechtszaal wordt je geconfronteerd met nieuwe gruwelijke feiten, tot in hoger beroep toe. Cassatie en in het ergste geval (meerdere malen) terugverwijzing naar een Gerechtshof maken het rouwproces aanzienlijk langer en zorgen voor een grillig verloop er van. Het rouwproces van de achterblijvers wordt meerdere malen verstoord, teruggezet, of aangewakkerd. Vanuit dat standpunt bezien kan het een voordeel zijn dat er geen rechtszaak komt. Geen jarenlange verstoring van het rouwproces. Maar of de nabestaanden uit Alphen daar ook zo over zullen denken?

Geplaatst in Moord en doodslag | Een reactie plaatsen

Tégen de doodstraf, vóór levenslang

Na de moord op mijn kleinkinderen heb ik een behoorlijke ‘ruk naar rechts’ gemaakt. Hoewel de opgelegde straffen de laatste jaren hoger worden, is bij moord en doodslag nog regelmatig te beluisteren dat de rechter een straf oplegt die de dader de kans geeft “om nog iets van zijn leven te maken”.
Hoezo, “om nog iets van zijn leven te maken”? De vermoorde persoon krijgt ook geen kans meer om iets van zijn leven te maken. En zijn vrouw, kinderen, ouders, broers en zussen, vrienden en collega’s ook niet. Zij hebben een levenslang trauma! Dit geldt óók voor slachtoffers van sexueel geweld in het algemeen en slachtoffers van pedosexuelen in het bijzonder. De littekens zijn breed en diep en blijven hun hele leven pijnlijk. Waarom zou een dader dan nog een kans moeten krijgen?
Daarom ben ik er een voorstander van om ‘vergelding’ veel zwaarder in de strafmaat mee te laten wegen.
Ik ben tegen de doodstraf om twee redenen:

  1. Politie en Justitie hebben de laatste jaren hun incompetentie te vaak bewezen door onschuldigen op te pakken en nog veroordeeld te krijgen ook. (Schiedammer parkmoord / Puttense moordzaak)
  2. De dader komt er te makkelijk mee weg.

Lange tijd of levenslang opsluiten geeft de dader de kans zich bewust te blijven wat hij heeft aangericht. Ervaart een veroordeelde deze straf als uitzichtloos? Dat gevoel deelt hij dan met de nabestaanden van de mens die hij heeft omgebracht. De dader mag dan ook niet alsnog een kans krijgen als hij berouw toont. De nabestaanden van het slachtoffer krijgen die kans ook niet.
Met name in de TBS-klinieken barst het van de toneelspelers die de deskundigen een rad voor de ogen kunnen draaien. En na vrijlating opnieuw geweld plegen. Enkele voorbeelden uit het recente verleden:  Peter H. (moordenaar Melanie Sijbers)* , Paul R. (moordenaar Edith Arends), Rudolf Kasebier (moordenaar Frank Storm en gestoorde dierenbeul uit Twente), Wilhelm Smidt (moordenaar Appie Luchies) en Geofry Jacobs (Woenselse steentjesgooier).
Wat mij betreft worden de uitgangen van de TBS-klinieken voor dit soort moordenaars dicht gelast. Of nog beter: Schaf het systeem af en zet alle plaatsingen om in levenslang.
Daarom: Tegen de doodstraf! Vóór (levens-)lange gevangenisstraf!

Geplaatst in Moord en doodslag | Getagd , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Blij komen, blijf vragen, blijf luisteren

Wat voor ons geldt, geldt voor alle rouwenden. Het rouwproces is voor iedereen anders. Maar na moord heb je te maken met een extra dimensie. Wonden die net een beetje genezen zijn, worden weer opengereten door de rechtzaak, het hoger beroep, het verlof van de dader. Of de vrijlating. Dat maakt het rouwproces grilliger in mijn ogen.
Romy en Daniël zijn in  2006 met veel messteken om het leven gebracht. Romy was nog geen 2 jaar .Daniël was een baby van 5 maanden. Ik ben de Opa van Romy en Daniël.
Mijn vrouw en ik hebben ontdekt dat er veel mensen zijn die ons verhaal niet meer kunnen aanhoren. Ze gaan ons uit de weg. Of ze zeggen: “Zet je er maar gauw overheen. “ Of: “Het leven gaat verder” Of “Er komen nog meer kleinkinderen” Die mensen begrijpen er niets van
Eerst hadden we onze lotgenoten. Die weten waar je het over hebt. Maar uit die wereld zijn we verbannen. Zelfs dáár heerst onrechtvaardigheid. Ego’s die groter zijn dan inlevingsvermogen. Lotgenoten zijn geen hulpverleners, maar als je een organisatie leidt heb je wel verantwoordelijkheden. Als je die niet op je wilt nemen, moet je zo’n organisatie niet willen leiden.
Gelukkig hebben we nog een paar familieleden en goede vrienden die bereid zijn om elke keer weer opnieuw naar ons verhaal te luisteren. Ik ben er van overtuigd dat alle nabestaanden wel een paar van zulke mensen in hun omgeving hebben.  Familie, vrienden, buren, kennissen, collega’s, clubgenoten. Tot die mensen wil ik me vandaag in het bijzonder richten.
Om te beginnen: Dank U wel dat U er voor ons bent. Het geeft ons steun. Vroeger las ook ik in de krant over moord, doodslag en gezinsdrama’s. En ook bij mij vervaagde dat na een poosje weer. Na een tijdje lees je nog eens over het proces, de dader wordt hopelijk veroordeeld. Maar uiteindelijk vergeet je het. Dat is normaal.
Toen mijn jongste zoon een paar jaar geleden op een internaat in Heibloem werd geplaatst  dacht ik: “Heibloem, Heibloem, waar ken ik dat ook alweer van?. Dat is normaal. Nu wéét ik het natuurlijk: van Nicky Verstappen.
Na de moord op onze kleinkinderen werd alles anders. Dat vergeet ik nooit meer. Dat gaat nooit meer weg.
Wat ik daarmee aan familie, vrienden, buren en collega’s van alle nabestaanden duidelijk wil maken, is: U kúnt niet begrijpen wat er met ons is gebeurd. U kúnt zich geen voorstelling maken hoe wij ons voelen. U kunt het hoogstens zien.
Wat ik óók wil zeggen is dat wij, nabestaanden, dat begrijpen. Want wij kennen het verschil. Wij wisten voordat ons kind, onze vader of moeder, onze broer of zus, onze kleinkinderen werden vermoord óók niet hoe dat voelde. Dat is normaal.
Een tijd geleden kwam ik een oude kennis tegen die me een beetje ontweek. Hij zei: “Ik weet niet wat ik moet zeggen.” Dan zeg ik: “Zeg dát dan.  Want dát kan ik begrijpen. Zeg dat je niet weet wat je met me aanmoet. Maar ga me alsjeblieft NIET uit de weg.
Een paar jaar geleden kreeg ik van een Belgische lotgenote het volgende verhaal: Er schijnt een Afrikaanse stam te bestaan. Na een sterfgeval schuift het hele dorp in lange rijen aan. En de nabestaanden doen telkens opnieuw hun verhaal, letterlijk tot in den treure, tot iedereen in de rij aan de beurt is geweest. omdat het ‘delen’ op zich als een belangrijk onderdeel van de rouwverwerking wordt gezien.
U, onze vrienden en familie, jullie staan als het ware in onze rij. En wij vertellen ons verhaal tegen U. Tot in den treure. Telkens opnieuw. Wij zijn ons kind, onze vader of moeder, onze broer of zus, onze kleinkinderen niet verloren door ouderdom, ziekte of een ongeluk.
Maar door moord.
Dat voelt extra onrechtvaardig. Dus moeten onze rijen misschien wel wat langer zijn. Misschien moet U wel een paar keer opnieuw aansluiten in onze rij. Omdat ons “dorp” te klein is voor ons verdriet, onze woede, onze frustratie. Een tijd geleden heb ik aan een van onze vrienden gevraagd of hij er niet doodmoe van werd om elke keer naar hetzelfde verhaal te moeten luisteren. Zijn antwoord weet ik eerlijk gezegd niet precies meer. Maar we praten er nog steeds over. Elke keer als we elkaar zien. Ze vragen bij elke ontmoeting hoe het met ons gaat. En mijn vrouw antwoord dan steevast:”Kut!” Da’s niet leuk om steeds weer te moeten horen. Maar zij zijn een van de weinigen waar we dat tegen kunnen zeggen.
En daarom wil ik vandaag nog eens tegen iedereen zeggen: Dank jullie wel dat jullie élke keer weer luisteren. Dat jullie tóch elke keer weer bij ons blijven komen en ons niet uit de weg gaan. Weet dat de moord altijd terug zal blijven komen. Want het gaat nooit meer over. Er zit een gat in ons leven. Hopelijk zal het gat ooit kleiner worden Maar het gaat nooit meer weg.
Dank U wel dat U luistert. Dank U wel dat U tóch blijft komen. Dat jullie elke keer weer vragen hoe het met ons is. Terwijl jullie weten dat jullie geen standaard antwoord krijgen.
Hopelijk komt er een tijd dat wij ook weer ergens anders over kunnen praten. Dat we ook weer kunnen zeggen dat het goed met ons gaat. Dat we ook weer geïnteresseerd kunnen zijn in hoe het met jullie gaat.
Dus lieve vrienden en familie, beste buren, kennissen, collega’s en clubgenoten: Blijf alstublieft komen. We hebben U zo nodig. Blijf alstublieft vragen hoe het met ons gaat. Blijf alstublieft luisteren. Zelfs al kunt U onze verhalen dromen. Want het is voor ons zó ontzettend belangrijk dat we er over mógen praten. Over mogen blijven praten. Want het gaat nooit meer over. Het gaat nooit meer weg.
Dus alstublieft: Blijf komen. Blijf vragen. Blijf luisteren.
Dank U wel.

Geplaatst in Moord en doodslag | Een reactie plaatsen

14 juni 2006

Mijn jongste zoon zou die dag de uitslag van zijn examen krijgen. Als er tussen 9:00 en 10:00 uur gebeld werd was het mis. Om 8:45 gaat de telefoon. Ik baal. Als ik opneem blijkt het de jongste zoon van mijn vrouw. Volkomen over zijn toeren. “De kleintjes zijn weg”. Het enige wat duidelijk wordt is dat er iets ergs is gebeurd. Of we meteen willen komen om met hem naar Purmerend te gaan.
Ik vlieg naar boven en maak mijn vrouw wakker. Schiet zelf wat kleren aan. Bel mijn ex, die gelukkig meteen komt om voor onze zoon te zorgen. Hij heeft een deel van het gesprek gehoord en is heel verdrietig. En ik heb geen tijd om hem te troosten. Mijn hart bloedt.
Onderweg vragen we ons af wat er aan de hand kan zijn. Bij Breda kom ik op het idee om de politie te bellen. Na verschillende vragen te hebben beantwoord, heb ik ineens een rechercheur aan de lijn. Ze zijn Mini’s zoon aan het zoeken, maar kunnen geen gegevens van hem vinden. Als ik die heb gegeven, krijgen we de opdracht in Rotterdam te blijven als we daar zijn. Zij komen daar ook naar toe.

De politie komt vrijwel tegelijk met ons aan. Dan wordt duidelijk dat Romy en Daniël zijn vermoord. Een rechercheur zegt dat we de kleintjes maar moeten herinneren zoals ze waren. Hij is niet op de plaats delict geweest, maar heeft van een collega begrepen dat het een bloedbad moet zijn.
Na een half uurtje worden we weggestuurd. De politie wil met Mini’s zoon alleen praten en zijn flat doorzoeken. Op de bovenste tree van de portiektrap heb ik enorm zitten janken. Een van de mooiste dingen die ons de laatste jaren was overkomen is ons alweer afgenomen. Op een verschrikkelijke manier.
En daarmee ontstond bijna vijf jaar geleden de noodzaak voor dit blog.                                      Romy en Daniël herdenken we op hun eigen site. In dit blog zal ik het een en ander uit de doeken doen over de gevolgen van moord voor nabestaanden. Uit eigen ervaring en die van lotgenoten. Ook zal ik het optreden van politie en justitie tegen het licht houden als daar aanleiding toe bestaat. En last but not least: ik zal de strafmaat voor levensdelicten in Nederland hevig ter discussie stellen.
Harrie

Geplaatst in Moord en doodslag | Een reactie plaatsen

Bloggen

Toeval bestaat niet. Heb ik nog geen twee weken geleden besloten om te gaan bloggen, was ik afgelopen vrijdag als ‘vaste toehoorder’ aanwezig bij het hoorcollege voor de BD-/EDNero’s. Ochtendspreker was Ernst-Jan Pfauth. Voor deze Opa een menneke van 25, nauwelijks ouder dan de studenten aan wie hij les gaf. Maar…..
…..dat ‘menneke’ is wél een autoriteit op zijn werkgebied: bloggen en internet. Werd door de kwaliteitskrant gevraagd voor de internetredactie van NRC vanwege zijn dagelijkse blog en is nu chef internetredactie daar. Dan heb je wat in je mars. Qoute:”We weten niet waar het gaat eindigen, we zijn gewoon begonnen”.
Opvallend was dat ik in een zaal vol met jongelui de enige was die al begonnen was met een blog. Hij spoorde iedereen aan om het te doen. Een goed gelezen blog opbouwen kost tijd en energie. Maar het is al een begin als je elke dag één uur aan je blog besteed.
Belangrijkste wat ik van Ernst-Jan heb meegekregen: Zoek één onderwerp om over te bloggen. Een ‘niche’, heet dat tegenwoordig. Wellaan. Daar hoef ik niet lang over na te denken. Dat zal gaan over levensdelicten en de strafmaat daarvoor in Nederland. Omdat ik ook luchtige stukjes wil blijven schrijven, heb ik — in gebruik genomen voor het stevige werk. Hier blijf ik proberen mijn lezers af en toe een glimlach op het gezicht te bezorgen.
Harrie

Geplaatst in Met een glimlach, Zomaar | Een reactie plaatsen

Oude liefde en nieuwe liefde

Vooruit, nog eentje dan. (Wat staat hier eigenlijk? Nóg eentje dan? Of: Nog ééntje dan? Ik kan niet kiezen. Dus hou het maar op “Nóg eentje dan”. Da’s veiliger. Voor ‘Gewitoitnoitnie’)
Fotograferen was mijn hobby. Niets hoogdravends, niets verantwoords. Gewoon kiekjes. Kiekjes waar ik een verhaal bij kan vertellen. Daarvoor had ik een spiegelreflexcamera. Een Pentax. Russische of Oost-Duitse makelij. Niets hoogdravends, niets verantwoords. Een Pentax met een klein telelensje. Nadat mijn oudste zoon geboren was -bijna 34 jaar geleden-  werd het pas écht leuk.
Kinderen hebben de neiging om te poseren als ze in de gaten hebben dat er foto’s worden gemaakt. Dat is van alle tijden. Een klein telelensje is een enorm goed hulpmiddel om kinderen ongedwongen en natuurlijk op de foto te krijgen. Duizenden foto’s heb ik gemaakt. Nadat ik de betaalbare één-uur service van HEMA had ontdekt hoefde ik daar na een paar maanden mijn naam niet meer te noemen. Ik stond er elke week wel een keer voor de balie.
Totdat op vakantie mijn bedrijfstelefoon onder de wielen van de botsautootjes terecht kwam. En ik in Goes mijn eerste mobieltje aan ging schaffen. Daar kreeg ik een digitale camera bij cadeau. Een Canon Powershot A60. Lag bij de fotograaf drie deuren verder voor ƒ 325,- in de etalage. “Leuk voor erbij” dacht ik.
Maar het was vrijwel meteen gedaan met de spiegelreflex van toen. Onbeperkt knippen zonder kosten. Thuis alleen de leukste foto’s uitzoeken en die af laten drukken. Even later een kleurenprinter aangeschaft (ook Canon) en zelf foto’s af gaan drukken. Bij HEMA moeten ze me gemist hebben. Nadat mijn PC in de woonkamer kwam te staan werd het afdrukken minder. Gewoon foto’s kijken  op het scherm. Groter, door meerdere mensen tegelijk te bekijken. Nóg makkelijker met de komst van de laptop en sinds enkele maanden altijd bij me op de smartphone.
 
Intussen zijn er kleinkinderen geboren. En begon ik me te ergeren aan mijn digitale camera. Want die is ALTIJD  te laat. Op een leuk moment druk je op de knop, het moment gaat voorbij en dan gaat de sluiter open. Kind omgedraaid, van houding veranderd of gewoon weg. Langzaam maar zeker ontstond de wens naar weer een spiegelreflex, maar dan digitaal.
Een van mijn zoons is amateurfotograaf. Analoog begonnen en overgestapt op een digitale spiegelreflex. Hi klaagde dat zijn toestel -een Canon 350D- donkere foto’s maakte. Aangezien ik me op een occassion oriënteerde moest ik me op een later model richten. Vanaf de 450D. Die hadden er geen last van. Totdat hij nog niet zolang geleden ontdekte dat je de lichtgevoeligheid handmatig kunt instellen. Zijn probleem opgelost en mijn mogelijkheden vergroot. De 350D is nl aardig goedkoper dan de 450D.
Kortgeleden ben ik jarig geweest. Niets om me druk over te maken. Een mooie gelegenheid om mijn gezin weer eens om me heen te hebben. En dit jaar een goede smoes voor mijn vrouw om bij te leggen wat ik nog tekort kwam. Dus ben ik nu de 350D aan het ontdekken.  Oude liefde werd nieuwe liefde.

 

Geplaatst in Met een glimlach | Een reactie plaatsen